Wikia


Startopstelling Edit

Beide spelers kiezen een set van 9 startkaarten. Deze zijn te herkennen aan het rode en blauwe wapenschild op de achterzijde. Ieder bouwt een eigen dorpje, die op de volgende wijze worden neergelegd: de straat wordt in het midden gelegd, waarnaast links en rechts een dorp wordt geplaatst. De 6 grondstofvelden mogen naar keuze worden geplaatst, schuin boven en onder de dorpen. Hierbij is het belangrijk dat elk grondstoffenveld op 1 grondstof komt te liggen. Dit ziet er bijvoorbeeld zo uit:

IMG 20170222 130607002
In het midden wordt nu een stapel met landen (grondstofkaarten), gebeurtenissen (aangeduid met ?), straten, steden en dorpen neergelegd. De ontwikkelingskaarten (zonder opdruk op de achterzijde), worden geschud en verdeeld in 5 evengrote stapels die in het midden worden gelegd. Beide spelers kiezen één ontwikkelingsstapel en kiezen hieruit 3 kaarten. De volgorde van de stapel mag hierbij niet veranderd worden.

De houten molen en houten ridder worden in het midden gelegd.

Besluit wie er mag beginnen.

Spelverloop Edit

De speler die aan de beurt is, begint zijn beurt met het gooien van de dobbelstenen: de normale dobbelsteun en de gebeurtenisdobbelsteen. Allereerst worden de instructies gevolgd van de gebeurtenisdobbelsteen, deze staan vermeld op de straat waar de speler mee start. Vervolgens, krijgen alle landen waarop het cijfer staat, er een grondstof bij. De dobbelsteenworp geldt voor beide spelers.

Vervolgens mag de speler wiens beurt het is, een aantal verschillende acties doen. Hij mag:

  • Bouwen:
    • Straat: een straat wordt links of rechts van een dorp of stad gelegd.
    • Dorp: Een dorp mag aan een leeg uiteinde van een straat worden gebouwd. Hierdoor ontstaat er de structuur 'dorp-straat-dorp-straat-dorp-enzovoorts'. Elk dorp is een overwinningspunt waard. Bij het aanleggen van een nieuw dorp worden er twee nieuwe landen geplaatst, schuin boven en onder het nieuwe dorp. Deze landen worden bovenaf de stapel met landen gepakt. Wanneer de speler de kaart verkenner bezit, mag hij deze spelen om twee kaarten uit de stapel te zoeken.
    • Stad: Een stad wordt gebouwd door deze over een dorp heen te leggen. Elke stad is twee overwinningspunten waard, echter het overwinningspunt van het dorp wat bedekt wordt vervalt. Het dorp gaat niet terug naar de stapel in het midden.
  • Een ontwikkelingskaart spelen:
    • Een actiekaart (geel tekstkader) mag gespeeld worden als beide spelers meer dan drie overwinningspunten hebben (m.u.v. de verkenner)
    • Een gebouwenkaart (groen/rood tekstkader) mag gebouwd worden op de plek tussen de landen, één boven en onder elk dorp, of twee boven en onder elke stad. Groene gebouwen mogen gebouwd worden in dorpen en steden, rode alleen in steden.
    • Een ridderkaart (afbeelding van een ridder) mag net zoals gebouwen, geplaatst worden onder en boven een dorp of stad. Elke ridder heeft 2 waarden: Riddersterkte en Toernooipunten.
  • Ruilen:
    • Een speler mag grondstoffen ruilen met de andere speler, en met de bank. In het eerste geval bepalen de spelers zelf wat er geruild wordt. In het laatste geval wordt er geruild in een 3:1 verhouding: drie gelijke grondstoffen mogen geruild worden voor 1 willekeurige grondstof. Dit kan worden teruggebracht tot 2:1 met het bouwen van een vloot.

De meeste van de bovenstaande acties kosten grondstoffen. Dit staat aangegeven op de kaarten. De grondstoffen worden betaald door de landenvelden te draaien. Voor het kopen van een drop, draai je de kaartjes met baksteen, graan, wol en hout één positie terug. Heb je meerdere velden van dezelfde grondstof, dan mag je zelf kiezen vanuit welk veld je het betaald.

Aan het einde van de beurt, mag de speler zijn hand weer aanvullen tot drie kaarten. Hiertoe pakt hij ofwel de bovenste kaart van een stapel naar keuze ofwel betaald hij twee willekeurige grondstoffen om in een stapel naar keuze te mogen zoeken naar een kaart. Wanneer er meerdere kaarten worden aangevuld, moet deze prijs telkens opnieuw worden betaald voor elke kaart die de speler wilt pakken. Dit mag gecombineerd worden. De speler mag ervoor kiezen om, in plaats van de kaarten aan te vullen, één kaart te ruilen door deze onder een willekeurige stapel te leggen en een nieuwe kaart te pakken.

Overige spelregels Edit

  • De speler met de meeste ridderpunten (aangegeven met een vuistje op ridders), ontvangt de houten ridder. Deze is één overwinningspunt waard.
  • De speler met de meeste handelspunten (aangegeven met een geel molentje op gebouwen) ontvangt, indien hij een stad heeft, de houten molen. Deze is tevens één overwinningspunt waard.
  • Wanneer een veld gegooid wordt waar al drie grondstoffen liggen opgeslagen, komen er geen nieuwe grondstoffen bij. Grondstoffen mogen niet worden overgeheveld naar een ander land in je vorstendom.
  • Gebouwen en vloten kunnen verschillende eigenschappen hebben die het spel beïnvloeden. Zo geeft een klooster de speler het recht om een extra ontwikkelingskaart vast te hebben.

Einde van het spel Edit

Het spel eindigt wanneer een speler 12 overwinningspunten heeft behaald. Hij is hiermee de winnaar. Om het spel te leren is het aan te raden tot 8 of 10 punten te spelen.

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.

Around Wikia's network

Random Wiki